De cursiefgedrukte tekst is de vertaling van de tekst zoals deze op de website van de Via Alpina staat. De foto’s met onderschriften zijn echter mijn eigen keuze.

Verklaring van de tekens*) bij de zwaarte van de etappe:
  I        Wandelweg (breed zonder open stukken)
 II        Bergweg (deels smal en onbeschermd)
III       Alpiene weg (met kabels gezekerd of bijzonder onbeschermd liggend, grof mengsel van sneeuw en ijs, zeer grof bergpuin)

*) In de website van de Via Alpina zijn de tekens  één, twee of drie “bergschoenen” – deze zijn hier vervangen door Romeinse cijfers.

‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒

Etappe R1: Muggia (Trieste)–Rifugio Premuda

zwaarte:      I          wandeltijd:         5h       afstand:   14,1 km          hoogteverschil: ↑ 138m   ↓ 46m

De Route start op de Piazza Marconi in Muggia, gaat dan bergop door het dorp Santa Barbara; zij gaat dan op deze eerste etappe in de richting van Rabuiese en het bos van Vignano en vervolgens bergop door het dal van de Rio Ospo. Opnieuw stijgend loopt zij naar Caresana en San Dorligo della Valle om bij de Premada Hut aan te komen.

Zicht op Muggia vanuit de haven
nl.wikipedia.org/wiki

Uitgebreide beschrijving van de route
De Route van de Via Alpina begint bij het Burcht van Muggia; de wegmarkering van de Club Alpino Italiano (C.A.I.) is rood-wit-rood. Men loopt daarbij over de oude wegen waarlangs vroeger de bewoners van de karstgebieden hun eenvoudige handelswaar naar de markten in de stad vervoerden. Nadat men de plaats San Dorligo della Valle aan de einde van het Rosandradal doorgelopen is, volgt men eerst de loop van het Romeinse aquaduct dat Tergeste (Triëst) van water voorzag, en daarna de “Zoutweg” (de “Via del Sale”). Langs de zoutpannen bij Muggia bereikt men de karsthoogvlakte en het binnenland van Istrië. Men loopt door het mooie Rosandradal, dat schouwtoneel is geweest van de grote prestaties van de beroemdste alpinisten uit de Julische Alpen, zoals Comici(1) en Cozzolino(2), en bereikt uiteindelijk de Premuda Hut die het gehele jaar open is en met haar 68 meter boven “NAP” de laagstgelegen berghut van de C.A.I. is. In de buurt van de hut rijzen de vele prachtige bergwanden van kalksteen op, waar ook een van de meest gerenommeerde bergbeklimmersopleidingen actief is (Weg 13/1).
(Vittorio Aglialoro)

Natuurlijk en cultureel erfgoed
Vanuit Triëst bereikt men met het openbaar vervoer het vriendelijke Julische stadje Muggia, waar men al illyrische(3) elementen kan ontdekken, net als de overvloed van de Slavische cultuurelementen die a.h.w. uit de Karst “opwellen” en die sinds mensenheugenis met de elementen uit iedere overheersing zijn vervlochten: eerst vanuit Venetië en daarna door de meer dan vier eeuwen durende heerschappij van de Habsburgers. De Route van de Via Alpina begint dus hier, op het mooie Raadhuisplein met de kenmerkende façade van de Domkerk, leidt dan omhoog naar de Citadel en naar het romaanse bouwwerk waarop diens restanten een bedevaartkerk voor de Madonna, de beschermheilige van de zeevarenden, is opgericht. Langs de route kan men talrijke sporen van menselijke activiteit vinden, op de weg van de steengroeven van Arenaria tot aan de zoutpannen, door de natuuroases van de Noghere meren en van de Rio Ospo rivier en dan verder omhoog over de hellingen van de karstheuvels die boven het plaatsje San Dorligo della Valle / Dolina uit torenen en het prachtige Rosandra dal omgeven.
(Vittorio Aglialoro / Alessandro Pennazzato)

Nadere informatie over deze etappe:

(1) Emilio Comici (* Triëst 1901 ‒ † Selva 1940) was een Italiaans bergbeklimmer.

(2) Vincenzo (“Enzo”) Cozzolino, (* Triëst 1948 – † Torre di Babele 1972), was een van de beroemdste Italiaanse bergbeklimmers. Zie verder summitpost.org.

3) Het gebied Illyrië besloeg de gehele Adriatische kuststrook van het vroegere Joegoslavië en het huidige Albanië.

Etappe B1 van de Gele Route begint ook in Muggia.

Lees a.u.b. de blogs over Triëst en omgeving van 7 mei 2018, 10 mei 2018, 27 april 2019, 28 april 2019 en 1 mei 2019, en ook de blogs over Muggia, de omgeving en deze etappe van 8 mei 2018 en 11 mei 2018.

‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒

Etappe R2: Rifugio Premuda–Matavun (Divača)

zwaarte:      I          wandeltijd:         6h30       afstand:   25,7 km          hoogteverschil: ↑ 614m   ↓ 340m

Vanaf de Premuda Hut gaat men door het Rosandra Dal tot aan Draga S. Elia en Pese, aan de grens tussen Italië en Slovenië. Men loopt aan de Sloveense kant langs de grens tot aan de berg Kokoš, en vervolgens bergafwaarts naar Lipica, beroemd om de elegante schimmelhengsten, de Lipizzaners. De tocht gaat verder door het Karstgebergte met voor dit gebied kenmerkende brede slenken en het milde klimaat.

Lipica, Lipizzaner horses, Slovenia

Lipizzaner paarden bij de stoeterij in Lipica
nl.wikipedia.org/wiki

Uitgebreide omschrijving van de route
De weg loopt door het gehele Rosandra dal langs de gelijknamige beek. Men passeert een mooie waterval voordat men Battazzo bereikt. Hier komt men bij een spoorlijn die niet meer in gebruik is (hier slaat de Gele Route naar het noordwesten af). Op de Weg nr. 17 loopt men door Draga S. Elia en bereikt Pese bij een kapel. Over de staatsweg “Venezia Giulia”, de SS 14, gaat men verder naar de grensovergang bij Pesek door naar Slovenië.
(Vittorio Aglialoro)

Vanaf de grensovergang loopt men 300 meter over de verharde weg, slaat bij de kruising bij het tankstation naar links af en neemt de eerste semiverharde weg naar links. Over zacht omhooglopende graslanden bereikt men de al van verre herkenbare weidegronden en steekt deze over om bij de ruïnes van de Kerk Sv. Tomaža (St. Thomas) aan te komen. (duur: 1 uur). De asfaltweg leidt langs de voormalige en huidige vernieuwde gebouwen van de grensbewaking tot aan de kruising. Over een semiverharde weg bereikt men in 30 minuten de Planinska koča na Kokoši Hut (670 m), waar het niet mogelijk is om te overnachten. Vanaf de grensovergang tot hier heeft men 1½ uur nodig. Achter de Hut daalt men over een gemarkeerde weg iets af en bereikt door een geul de grenssteen. Bij de kruising buigt men, zoals aangegeven, naar rechts af naar Lipica en terug naar de Via Alpina. Men slaat links af, loopt tot aan de semiverharde weg, die vanaf de Berg Kokoš loopt en volgt deze tot aan de grensovergang Lipica. Men komt na het oversteken van de nationale weg op een naar rechts afbuigend karrenspoor bij de toegangspoort van het landgoed Lipica. De brede lanen leiden naar de hotels in Lipica (403m). Vanaf de Kokoš heeft men ongeveer 1 uur nodig. De wereldberoemde stoeterij Lipica (1) ligt in een typisch karstgebied en is de bakermat van het prachtige en elegante Lipizzaner paardenras. De stoeterij werd in het jaar 1580 opgericht. De Via Alpina loopt om de hotels heen tot aan het kruispunt van de wegen uit Sežana und Lokev. Men gaat nog 300 meter over de asfaltweg, slaat bij de eerste ijzeren poort naar rechts af en bereikt over een semiverharde weg de steengroeve Lipica. (20 minuten). Na 15 minuten komt men op een kruispunt. Vanaf rechts leidt de weg die men had kunnen nemen om niet over het Landgoed Lipica te lopen. Ditmaal gaat de tocht naar links over een dichtgegroeid terrein. Men bereikt de regionale weg, steekt die over en loopt verder naar de onderkomen van de grottenonderzoekers vlak bij de Grot van Vilenica (2). Men loopt rechtsdoor langs het gebouw, over een grasveld, door een opening in de karstrontswand en buigt dan scherp naar rechts af naar het dorp Lokev(3), waar men op smalle asfaltwegen doorheen loopt. (40 minuten.) Vanaf Lipica duurt de tocht 1 uur. Bij de kerk gaat men linksaf; men komt bij de regionale weg Divača – Lokev, die men oversteekt en dan over een dorpsstraat in de richting van Prelože verder loopt. Aan het einde van de asfaltweg slaat men bij de kruising naar rechts af. Het pad leidt over grasvelden, door een spoorweg- en een snelwegtunnel naar de nationale weg, die men oversteekt en rechtdoor over een asfaltweg vervolgt. Bij de volgende huizengroep slaat men linksaf naar een semiverharde weg, die overgaat in een karrenspoor. Men loopt over een veld in noordoostelijke richting tot aan een naar rechts omhooglopende semiverharde weg. Na 10 minuten heeft men de vlakte Na Prevalu bereikt. Aan de andere kant daalt men af en komt vlakbij het toeristische Informatiecentrum van de Grotten van Škocjan op een asfaltweg. De tocht vanaf het dorp Lokev tot aan Matavun duurt 1 uur en 10 minuten.
Bronnen: Atlas Slovenije. (1996). 3. izpopolnjena in razširjena izdaja. Ljubljana: Mladinska knjiga in Geodetski zavod Slovenije (GZS). Notranjski Kras. (1997). Izletniška karta. 1:50.000. Ljubljana: GZS.
(Albin Žnidaršič, Peter Šilak)

 Natuurlijk en cultureel erfgoed
De eerste weg leidt rechtstreeks naar het hoogste gedeelte van de Karst, zoals het voor wandelaars hoort. Nauwelijks heeft men het steile Glinščica dal (Sloveense naam voor het Rosandra dal) overwonnen, of men klimt alweer naar de hoogste berg van het plateau, de 741 meter hoge Veliko Gradišče. Men gaat weliswaar niet naar de top, maar komt wel op de naburige en slechts een beetje lagere Kokoš terecht. Op een afstand van ca. 10 kilometer van de zee zijn ook zulke hoogteverschillen best pittig.
Bij de afdaling naar Lipica leert men het karakter van het Karstgebied met zijn hoogvlakten beter kennen. In zo’n vier eeuwen is hier, te midden van het karstige en stenige landschap, een schitterende groene oase van de stoeterij van Lipica(1) ontstaan. Hier treft men goedverzorgde weilanden, lanen en ruiterpaden aan, kortom optimale omstandigheden voor de dressuur van de prachtige witte Lipizzaner paarden. Al in het jaar 1580 had de Habsburgse Aartshertog Karl een terrein gekocht van de bisschoppen van Trieste en fokte uit Spaanse hengsten en merries uit het Karstgebied een paardenras dat zowel uithoudingsvermogen heeft als ook leergierig is. Het ras is heden ten dage wereldberoemd vanwege zijn elegantie.
Niet ver van de stoeterij bevindt zich een andere parel van de Karst, met een geschiedenis die net zo eerbiedwaardig is. De Grot van Vilenica(2) geldt als de oudste grot in Europa die voor toeristen toegankelijk is. Het “Thuis van de Goede Feeën”, zoals de grot door de lokale bevolking wordt geien, ontvangt sinds 1633 al bezoekers. Tijdens een bezoek aan de grot maakt men kennis met de prachtige druipsteenversieringen in de hoge, ruime grotzalen. In een van de zalen vindt de jaarlijkse internationale Literatuurbijeenkomst plaats.
Vlak bij ligt Lokev(3), een van de grootste dorpen van de Karst, met een even zo interessante geschiedenis. De toren in het centrum van het dorp, Tabor genoemd, diende om de Turken af te weren; nu is er een rijk uitgerust militair museum(4). In het dorp is ook een Pršut-fabriek, waar de Karst Parmaham, “Pršut”(5) genaamd, wordt gemaakt. Dit in de Borawind(6) gedroogde varkensachterbeen is een smakelijke Karstspecialiteit, die door de mensen hier flinterdun gesneden wordt opgediend met een glas bloedrode, uit de Karstgrond geboren Teran wijn(7).
Bij al deze Karstlekkernijen bereikt men het oostelijke einde van de hoogvlakte, waar de Reka rivier in de bodem wegsijpelt en in de “onderwereld” van de Karst op zoek gaat naar geheimzinnige wegen richting zee. Het grottenstelsel van de Grotten van Škocjan, dat door deze rivier ontstaan is, behoort tot de grootste schatten van het Sloveense en Europese natuurlijk erfgoed.
Bronnen: de Stoeterij Lipica, de Grot van Vilenica, het Museum van Lokev en de plaats Lokev.
(Igor Maher)

Andere langeafstandswandelingen en varianten
Verbinding met de Gele Route van de Via Alpina, die vanaf de Premuda Hut door het Rosandra dal loopt, over de Monte Stena en verder naar San Lorenzo en Villa Opicina.

Nadere informatie over deze Etappe:

(1) De roemruchte Stoeterij Lipica kent tegenwoordig een ruim aanbod aan informatieve activiteiten rondom de Lipizzaner paarden.

(2) De Grot van Vilenica is in 1633 door de lokale grondeigenaar overgedragen aan de plaatselijke parochie, die haar als bron van inkomsten beheerde en openstelde voor bezoekers. Tot midden 19e eeuw gold deze grot als de grootste, mooiste en meest bezochte grot in de centrale Karst. Na jaren van vergetelheid kwam Vilenica in 1963 weer tot leven toen de plaatselijke speleologenclub het gangstelsel vernieuwde en elektrische verlichting aanbracht. Rond de 450 meter van de meer dan 1,3 km aan gangen zijn voor het publiek toegankelijk. Een rondleiding duurt ongeveer een uur.

(3) De naam van het stadje Lokev verwijst naar een grote vijver waar reizigers uit dronken en hun ezels drenkten. De naam is terug te voeren op het Sloveense zelfstandig naamwoord lokva, vijver, poel, drenkplaats. De Italiaanse naam Corgnale is een verbastering van het Duitse Kornhalle, graanschuur.

(4) Het Militaire Museum in de uit 1485 stammende verdedigingstoren Tabor in het centrum van Lokev is een privé initiatief uit 1995 en toont slechts een klein gedeelte van de grote verzameling bijzondere historische objecten die voor het merendeel uit de Eerste en Tweede Wereldoorlog stammen.

(5) “Pršut is een aan de lucht gedroogde rauwe ham uit het Karstgebied van Slovenië. De nam is terug te leiden naar het Italiaanse prosciutto. De Pršut is in de regel een hele varkensham met bot die tussen de vijf en zeven kilo weegt. Het rijpingsproces duurt door de traditionele opslag tussen de 12 en 24 maanden.

(6) De bora is een droge, vaak snijdend koude valwind uit noordoostelijke richting. Deze wind laat zich vooral voelen tijdens de winter over de Adriatische Zee en de kustgebieden tussen Triëst en Dubrovnik. De wind ontstaat boven de Balkan-hoogvlakte of is afkomstig uit de Russische vlaktes en valt langs een steile bergwand (1000 m). De wind wordt gekanaliseerd door de bergtoppen waardoor plaatselijk windstoten tot 180 km/u kunnen ontstaan. De bora is een voorbeeld van een katabische wind of valwind. De naam van de wind verwijst naar Boreas, de Griekse god van de noordenwind. In het Sloveens en het Kroatisch heet de wind burja respectievelijk bura. Bora is de Italiaanse naam.

(7) De Terrano of Teran wijn is primair een wijn uit Slovenië met een “Denominazione di origine controllata, DOC” (sinds 2006 onder de naam “Teran”). De wijn wordt vooral verbouwd op het Karstplateau bij de Sloveense kust: daar is ook de zogenaamde Terra-rossa grondsoort te vinden. De wijn is fruitig van smaak en diep donkerrood van kleur, zodat die in Friuli ook wel Karstbloed (“Sangue del Carso”) wordt genoemd.

Het beginpunt van deze Etappe is ook het beginpunt van Etappe B2 van de Gele Route.

‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒

Etappe R3: Matavun (Divača)–Razdrto

zwaarte:      I          wandeltijd:         3h30       afstand:   17 km          hoogteverschil: ↑ 532m   ↓ 361m

Vlakbij zijn de wereldberoemde Grotten van Škocjan, die tot de mooiste ter wereld behoren en die door de UNESCO tot Wereldnatuurerfgoed zijn verklaard. Op deze volkomen vlakke etappe loopt men door de wereld van de Karst met vele bergweiden en bossen. De vroeger talrijke weilanden raken nu steeds meer overgroeid. De invloed van de zee op het klimaat en de begroeiing is nog steeds erg sterk.

Škocjan, Caves, Karst, Slovenia

Het dorp Škocjan met de toegang tot de Grot van Škocjan, waar de rivier Reka weer bovengronds komt
de.wikipedia.org/wiki

‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒

Etappe R4: Razdrto–Predjama

zwaarte:      I          wandeltijd:         4h10       afstand:   15 km          hoogteverschil: ↑ 744m   ↓ 801m

Nu komt de eerste klim van meer dan 1.000 meter naar de berg Nanos. Men loopt over een plezierige bosweg en in het hoger gelegen gedeelte over prachtige weiden met uitzicht over het lagergelegen heuvellandschap. Over de bergkam van de Nanos komt men weer het dal en bereikt men door twee aardige dorpen de Grot van Predjama met de Predjamski Burcht, een bezienswaardigheid van bijzondere natuurhistorische betekenis.

Postojna, Predjama Castle, Slovenia

Het Kasteel van Predjama bij Postojna
commons.wikimedia.org/wiki

‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒

Etappe R5: Predjama–Črni vrh

zwaarte:      I          wandeltijd:         4h45       afstand:   20,2 km          hoogteverschil: ↑ 671m   ↓ 510m

De etappe gaat door een met bos bedekt gedeelte van de Karst met talrijke karstkenmerken. Voortdurend ontdekt men dolines (zinkgaten) in de bermen, maar ook karstgrotten, karstpijpen en nauwelijks aanwijsbare verhogingen in het landschap. Tijdens een prettige wandeling klimt men ongemerkt naar de meer dan 1.000 meter hoge berg Javornik en daalt men aan de andere kant weer af naar Črni vrh.

Črni_Vrh_nad_Idrijo, Slovenia

Zicht op Črni Vrh vanaf Velika Peč
en.wikipedia.org/wiki

‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒

Etappe R6: Črni vrh–Idrija

zwaarte:      I          wandeltijd:         2h10       afstand:   11,9 km          hoogteverschil: ↑ 129m   ↓ 407m

De korte en vlakke etappe gaat door het berglandschap van Idrija. Daar kan men in westelijke richting de uitgestrekte bossen van Trnovski zien en genieten van de aangename beschutting van de bossen waar men doorheen komt. De tocht eindigt met een steile afdaling naar Idrija. Dit is een van de oudste steden van Slovenië, bekend om haar kwikmijnen, Idrija kant en waterkeringen (klavži).

Idrija, Slovenia

Zicht op Idrija met de St. Antonius van Padua Kerk
commons.wikimedia.org/wiki

‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒

Etappe R7: Idrija–Planinska koča na Ermanovcu

zwaarte:      I          wandeltijd:         7h00       afstand:   2 5km          hoogteverschil: ↑ 1.278m   ↓ 664m

Op deze etappe leert men de regio rond Idrija kennen en komt in het Cerkljansko bergland. Na een steile klim volgt een plezierige wandeling door het gebied dat rijk is aan bossen en weiden langs talrijke boerderijen, kerken en dorpen. Men loopt langs de hellingen van de Idrijca rivier over een asfaltweg, dus is voorzichtigheid geboden.

Idrija, mountains, Slovenia

De bergen rond Idrija
de.wikipedia.org/wiki

‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒

Etappe R8: Planinska koča na Ermanovcu–Porezen

zwaarte:      II          wandeltijd:         5h30       afstand:   16,9 km          hoogteverschil: ↑ 1.196m   ↓ 574m

De Route loopt door het heuvellandschap van het Cerkljansko bergmassief, aanvankelijk over een straatweg, langs beboste en met gras begroeide hellingen. De straatweg stamt uit de tijd na de Eerste Wereldoorlog, toen dit gebied aan Italië toebehoorde. Daarna bezoekt men het Partizanenziekenhuis Franja, dat in de Tweede Wereldoorlog een belangrijke rol heeft gespeelt. Aan het slot van deze etappe beklimt men over weidse graslanden en bossen de berg Porezen.

Porezen, Slovenia

De berg Porezen (1.630m)
commons.wikimedia.org/wiki

‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒

Etappe R9: Porezen–Črna prst

zwaarte:      II          wandeltijd:         6h30       afstand:   14,9 km          hoogteverschil: ↑ 1.106m   ↓ 858m

Deze etappe leidt in het hooggebergte van de Julische Alpen, naar de Spodnje Bohinjske Bergen, waarvan men de kam voor zich ziet opdoemen. Na een op sommige plekken steile afdaling door het bos, klimt men weer naar de bergkam en ziet de talrijke skipisten onder aan de Kobla Berg. De Berg Črna prst (“Zwarte Vinger”) biedt mooie vergezichten en toont weelderige alpenflora. Men bevindt zich in het Triglav Nationale Park!

Spodnje Bohinj Gore mountain range, Slovenia

Luchtfoto van de Bohinj bergketen en zijn hoogplateau
en.wikipedia.org/wiki

‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒

Etappe R10a: Črna prst–Rjava skala

zwaarte:      III          wandeltijd:         5h00       afstand:   12,2 km          hoogteverschil: ↑ 239m   ↓ 529m

Deze etappe biedt schitterende vergezichten over de Julische Alpen en het meer van Bohihj. Meestentijds volgt ze de bergkam die de Lagere Bohinj Bergen verbindt, over de Rodica Top, die bekend is om zijn rijke flora, en dan over de Šija. Aan het slot daalt de weg af naar de bergstation van de kabelbaan in het skigebied van Vogel. Hoewel de tocht steeds op ongeveer 2.000 meter hoogte blijft, is zij technisch niet veeleisend, maar is zij wel gevaarlijk vanwege de onbeschutte ligging. Een vaste tred is noodzakelijk. Men kan beter niet aan deze tocht beginnen bij mist of regen.

Bohinj Lake, Komna mountains, Slovenia

De Komna bergketen spiegelt zich in het Meer van Bohinj
en.wikipedia.org/wiki

‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒

Etappe R10b: Rjava skala–Dom na Komni

zwaarte:      III          wandeltijd:         5h00       afstand:   13,0 km          hoogteverschil: ↑ 452m   ↓ 469m

Deze etappe biedt schitterende vergezichten over de Julische Alpen en het Meer van Bohihj. Grotendeels loopt men over de bergkam van de Spodnje Bohinjske Bergen. Ondanks de hoogte van boven de 2.000 meter is deze alpine tocht een gemakkelijke en prettige wandeling. De etappe eindigt op het uitgestrekte Komna Plateau, een waar paradijs voor toerskiërs.

Bohinj Lake, Slovenia

Het Meer van Bohinj
en.wikipedia.org/wiki

‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒

Etappe R11: Dom na Komni–Koča pri Triglavskih jezerih

zwaarte:      I          wandeltijd:         2h30       afstand:   7,1 km          hoogteverschil: ↑ 303m   ↓ 126m

Deze etappe leidt door de wonderschone wereld van de bergmeren. Daarvan zijn er officieel zeven, maar toch kunnen er door het jaar heen nog andere, kleinere meertjes en poelen ontstaan. In het dal is de alpine dieren-en plantenwereld ruim vertegenwoordigd. Men klimt naar de Nu Kalu pas. Aan het begin van het dal stond vroeger een Almhütte. Men loopt verder door het dal tot aan de Hut bij het Dvojno Meer.

Triglav Lakes Valley, Slovenia

Het Dubbel Meer (Dvojno jezero) in het Dal van de Zeven Meren bij de berg Triglav
en.wikipedia.org/wiki

‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒

Etappe R12: Koča pri Triglavskih jezerih–Tržaška koča na Doliču

zwaarte:      II          wandeltijd:         3h05       afstand:   7,6 km          hoogteverschil: ↑ 646m   ↓ 196m

Bij deze etappe doorkruist met het dal van de Triglav meren tot aan het einde. Hoewel de route aan het einde van het dal niet langs de twee hoogstgelegen meren komt, kan men deze toch bezoeken. Over steile bergruggen beklimt men de Hribarice berg. Daar strekt zich een weidse hoogvlakte uit, die vooral in de winter graag wordt bezocht door toerskiërs. In het dal trekt de weelderige planten- en dierenwereld de aandacht van de wandelaar.

Triglav

De Berg Triglav
nl.wikipedia.org/wiki

Het eindpunt van Etappe R12 is het beginpunt van de Paarse Route, Etappe A1.

‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒

Etappe R13: Tržaška koča na Doliču–Trenta

zwaarte:      II          wandeltijd:         3h15       afstand:   9,5 km          hoogteverschil: ↑ 4m   ↓ 1.494m

Op deze etappe laat men voorlopig het kalkhooggebergte van de Julische Alpen achter zich. Over een voormalig pad van het Italiaanse leger daalt men in het gletsjerdal Zadnjica af. Door mooie bossen en weiden omringd loopt men over de dalbodem. Aan het einde brengt men in Trenta een bezoek aan het Informatiecentrum van het Triglav Nationale Park, dat bijzonder interessant en zeker de moeite waard is!

Soča (Isonzo) river, Vršič pass , Slovenia

De rivier de Soča (Isonzo) bij de Vršič Pas
nl.wikipedia.org/wiki

Het beginpunt van Etappe R13 is ook het beginpunt van de Paarse Route, Etappe A1.

‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒

Etappe R14: Trenta–Dom v Tamarju

zwaarte:      II          wandeltijd:         6h45       afstand:   14 km          hoogteverschil: ↑ 1.188m   ↓ 709m

Op deze etappe loopt men eerst door het dal van Trenta tot aan de bron van de Soča rivier. Dan komt een klim naar de hoogstgelegen bergpas van Slovenië, de Vršič. Daarna beklimt men de berg Sleme met mooie panorama’s. Op de Sleme zijn talrijk kleine meertjes. Men bewondert het beneden gelegen Tamar dal en aan de overkant de machtige bergwanden van de Jalovec en de Mojstrovka. Dit is een van de mooiste etappes!

Vršič pass, Slovenia

De Vršič Pas
en.wikipedia.org/wiki

‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒

Etappe R15: Dom v Tamarju–Thörl-Maglern

zwaarte:      II          wandeltijd:         6h10       afstand:   23,7 km          hoogteverschil: ↑ 659m   ↓ 1.123m

Men begint in het gletsjerdal van Planica en loopt door bossen en onder indrukwekkende bergtoppen langs naar de springschansen in Planica. Men steekt de skipistes over, gaat door Podkoren en klimt naar de Wurzenpas. Men is dan al in de Karawanken. Vervolgens daalt men af naar de Seltschacher Alm en komt aan bij het Drielandenpunt in Ofen (1.509 meter), waar Slovenië, Italië en Oostenrijk samenkomen.

Planica Valley, Tamar, Slovenia

Het Planica dal
de.wikipedia.org/wiki

‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒

Etappe R16: Thörl-Maglern–Feistritzer Alm

zwaarte:      II          wandeltijd:         6h25       afstand:   19,2 km          hoogteverschil: ↑ 1.628m   ↓ 578m

De route loopt langs de Oostenrijks-Italiaanse grens door een indrukwekkend bosgebied. Telkens heeft men vanuit het bos mooie doorkijkjes naar de westelijke Julische Alpen en de Dobratsch in het noorden. Het laatste stuk gaat door het almenlandschap van de Achomitzer Alm, Maria Schnee en tot slot de Feistritzer Alm.

Dobratsch, Austria

De berg Dobratsch (Villacher Alpe) vanuit het westen gezien
de.wikipedia.org/wiki

‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒

Etappe R17: Feistritzer Alm–Eggeralm

zwaarte:      II          wandeltijd:         3h50       afstand:   15,3 km          hoogteverschil: ↑ 580m   ↓ 876m

Vanaf de Feistritzer Alm loopt de weg naar het westen een flink stuk op Italiaanse grondgebied. Pas bij de herberg Starhand bereikt men Oostenrijk weer. Na het dichte bos vormt het almenlandschap van de Dellacher Alm en de Egger Alm met de Egger Alm See een welkome afwisseling.

Feistritzer Alm, Austria

De Feistritzer Alm
www.bergwelten.com

‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒

Etappe R18: Eggeralm–Nassfeld

zwaarte:      II          wandeltijd:         3h30       afstand:   13,9 km          hoogteverschil: ↑ 546m   ↓ 422m

Al snel na de Egger Alm krijgt men een heerlijke uitzicht over het Gaildal en het Kreuzeckmassief. Het traject gaat een stuk over Italiaans grondgebied en loopt over een oude militaire weg. Na een dicht bos komt men op het almenlandschap van de Garnitzenalm en de Warschiger Alm, waar ook de eerste skipisten van Sonnenalpe Nassfeld zijn.

Nassfeld, Passo Pramollo, Austria

De Nassfeld Pas in Oostenrijk en de Passo Pramollo in Italië
en.wikipedia.org/wiki

‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒

Etappe R19: Nassfeld–Zollnersee Hütte ehm. Dr. Steinwender Hütte

zwaarte:      II          wandeltijd:         6h15       afstand:   22,5 km          hoogteverschil: ↑ 990m   ↓ 791m

Onderweg van Nassfeld naar de Dr. Steinwender Hut ziet men steeds weer sporen van verleden. Oude militaire wegen en bergforten uit de Eerste Wereldoorlog herinneren aan het zwaarbevochten grensgebied. Los hiervan is het geweldige alpine landschap bepalend voor deze etappe. Wel moet men bij slechte weersomstandigheden, als er bijvoorbeeld sneeuw ligt, voorzichtig zijn.

Lake Zollner Peace Chapel, Austria

De Zollner Friedenskapelle voor de gevallen in de Eerste Wereldoorlog
de.wikipedia.org/wiki

‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒

Etappe R20: Zollnersee Hütte ehm. Dr. Steinwender Hütte–Untere Valentinalm

zwaarte:      II          wandeltijd:         6h00       afstand:   22 km          hoogteverschil: ↑ 818m   ↓ 1.358m

Over het almengebied van de Obere Bischofalm leidt de route over de 2.167 meter hoge Köderkopf, van waar men een geweldig mooi uitzicht heeft. Na deze klim gaat het bergaf over alpiene weiden en later door een met voornamelijk kromgegroeide, dwergachtige elzen begroeid gebied naar de Obere Tschintemuntalm. Een oud oorlogskerkhof getuigt eens te meer van de onzinnigheid van oorlog, die alleen maar verliezers kent.

Plöckenpass, Austria

De Plöckenpasweg en grens met Italië vanuit het noorden gezien
fr.wikipedia.org/wiki

‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒

Etappe 21: Untere Valentinalm–Wolayersee Hütte

zwaarte:      II          wandeltijd:         3h15       afstand:   7,8 km          hoogteverschil: ↑ 911m   ↓ 160m

Men begint aan een wat kortere etappe: het eindpunt is de Wolayersee Hut, prachtig gelegen aan het Meer van Wolayer. Bij de Valentintörl slaat men af naar de Hohe Warte, met 2.780 meter de hoogste bergtop van de westelijke Karnische Alpen. Andere bergtoppen bieden ook een prachtig uitzicht op de Wolayersee, zoals de Frauenhügel. Men vindt in haar bergflanken vele loopgraven uit de Eerste Wereldoorlog.

Lago Volaia Lake - Wolayer See, Austria

Lago Volaia/Wolayersee en omgeving
commons.wikimedia.org/wiki

‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒

Etappe R22: Wolayersee Hütte–Hochweisssteinhaus

zwaarte:      II          wandeltijd:         4h45       afstand:   14,4 km          hoogteverschil: ↑ 690m   ↓789m

Vanaf de Wolayersee Hut tot aan het Hochweisshaus leidt de Via Alpina de wandelaar over de Italiaanse kant van de bergkam. Bij de Giramond Pas steekt men de grens over. Over alpenweiden en door open bergbossen loopt men langs de berghelling met niet al te grote hoogteverschillen naar het Hochweisssteinhaus.

Monte Peralba - Hochweissenstein, Italy

De berg Monte Peralba/Hochweissenstein in de Karnische Alpen vanuit het noordoosten gezien
de.wikipedia.org/wiki

‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒

Etappe R23: Hochweisssteinhaus–Neue Porze Hütte

zwaarte:      III          wandeltijd:         8h25       afstand:   21 km          hoogteverschil: ↑ 924m   ↓ 841m

Vanaf het Hochweisssteinhaus loopt de Via Alpina hoofdzakelijk op Italiaans grondgebied naar de Porze Hut. Op de hoogteweg komt men steeds weer oude overblijfselen uit oorlogen tegen. De etappe is hoogalpien en verloopt al vanaf de Luggauer Törl voornamelijk op een hoogte van meer dan 2.200 meter. Men moet vooral letten op goede weg- en weersomstandigheden!
Een gemakkelijkere variant  (zwaarte II   wandeltijd:   8h30   afstand 25 km):
Hochweisssteinhaus – Hochalpljoch – Weg 134 Mga.Chivion – Weg 170 Mga.Chiastellin – Mga. Manzón – Mga.Cecido -Mga. Campobon – Almstrasse Tilliacher Joch – Porze Hut.

Ebnertal Valley, Luggauer Törl, Austria

Almweg door het Ebnertal in de richting van Luggauer Törl
commons.wikimedia.org/wiki

‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒

Etappe R24: Neue Porze Hütte–Obstansersee Hütte

zwaarte:      II          wandeltijd:         5h35       afstand:   14 km          hoogteverschil: ↑ 1.185m   ↓ 801m

Vanaf de Porze Hut loopt men in voornamelijk hoogalpien terrein langs de Fillmoor-Standschützen Hut, waar men even kan pauzeren, naar de Obstansersee Hut. De weg gaat in het begin onder de steil oprijzende wanden van de Porze door naar boven naar de Heretriegel en door het moerassige terrein van het Obere Stucken meer, dat in de zomer tot 19 graden warm kan worden.

Oberer Stuckensee Lake, Leitental Valley, Austria

Bovenste Stuckenmeer (Oberer Stuckensee) in het Leitendal met rechts de Heretkofel (2.440m)
commons.wikimedia.org/wiki

‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒

Etappe R25: Obstansersee Hütte–Sillianer Hütte

zwaarte:      II          wandeltijd:         4h20       afstand:   12,5 km          hoogteverschil: ↑ 549m   ↓ 40m

Vanaf de Obstansersee Hut leidt de Route aanvankelijk over rotsachtig terrein met bosschages van bergdennen. Tot aan de Sillaner Hut moeten enkele bergtoppen beklommen worden, zoals bijvoorbeeld de Eisenreich, die met 2.665 meter het hoogste punt van de Karnische Höhenweg vormt. Over de Schöntalhöhe en de Demut bereikt men de Hochgränten Pas, waar een militair ereveld is.

Schoentalhöhe - Cima di Valbella, Austria

De Schöntalhöhe/Cima di Valbella gezien vanaf de berg Demut
www.summitpost.org

‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒

Etappe R26: Sillianer Hütte–Drei-Zinnen-Hütte/Rifugio Locatelli

zwaarte:      I          wandeltijd:         5h30       afstand:   18,5 km          hoogteverschil: ↑ 9028   ↓ 1.013m

Vanaf de Sillaner Hut neemt men de Karinthische Höhenweg naar de kabelbaan Helm. Deze dient als hulp bij het afdalen naar Sexten. Een prachtige  hoogteweg door de Dolomieten voert door een bos tot aan de Talschlusshütte in het Fischleintal (ca. 1.540m). Men volgt de weg naar Bödenalpe, dicht bij het eindpunt van deze etappe. Van Talschluss tot de Drei-Zinnen-Hütte moet men bijna 900 meter omhoogklimmen.

De berggroep Drei Zinnen (letterlijk: de “Drie Kantelen”) in Süd-Tirol
en.wikipedia.org/wiki

‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒

Etappe R27: Drei-Zinnen-Hütte/Rifugio Locatelli–Dürrensteinhütte/Rifugio Vallandro

zwaarte:      III          wandeltijd:         4h10       afstand:   13 km          hoogteverschil: ↑ 566m   ↓ 811m

Vanaf de Drei-Zinnen-Hütte (2.405 m) loopt de Via Alpina naar het westen langs de Weg nr. 102 in de richting van Höhlensteintal. Voorbij het restaurant Drei Zinnen Blick steekt men het dal over en gaat men de Weg nr. 34 op naar de pas van de Strudelkopfsattel op 2.200 meter. Deze weg is op enkele plaatsen gevaarlijk en daarom ook met touwen of kabels gezekerd. De laatste meters op deze Etappe leiden vanaf de pas naar beneden naar de Dürrensteinhütte.
Er is een gemakkelijkere variant (zwaarte I): vanaf de Schluderbach in het Höhlensteintal loopt men over de oude legerweg in 2½ uur naar de Dürrensteinhütte.

Strudelkopfsattel Plätzwiese, Fortifications, Italy

Vestingwerken op de Plätzwiese van de Strudelsattelkopf
commons.wikimedia.org/wiki

‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒

Etappe R28: Dürrensteinhütte/Rifugio Vallandro–Seekofelhütte/Rifugio Biella

zwaarte:      III          wandeltijd:         3h10       afstand:   12 km          hoogteverschil: ↑ 404m   ↓ 52m

Vanaf de Plätzwiese (ca. 2.000 meter) loopt een bergpad (nr. 3a) langzaam omhoog tot op de Gumpalboden. Steeds de aanduiding nr. 3 volgend slingert de Via Alpina langs rotswanden en puinhellingen van de Hohe Gaisl naar de hoger gelegen Rossalm (2.142 meter).  Van daaruit volgt men een karrespoor naar de “Ofen”, buigt vervolgens af richting zuiden naar de Cocodainscharte en loopt langs de grens van het Natuurpark tot aan het eindpunt van de etappe.
Een gemakkelijkere variant (zwaarte I):
Vanaf de Plätzwiese in noordwestelijke richting door het Stolla dal naar beneden lopen. Ongeveer bij de Alpenherberg Brückele naar links afbuigen en dan de 600 hoogtemeters tot aan de Obere Ross Hut omhoog lopen, waar men weer op de Via Alpina aansluit.

Hohe Gaisl - Croda Rossa, Lavaredo Pass, Italy

Zicht op de Hohe Gaisl
commons.wikimedia.org/wiki

‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒

Etappe R29: Seekofelhütte/Rifugio Biella–St. Martin in Gsies/S. Martino in Casies

zwaarte:      III          wandeltijd:         4h10       afstand:   26,5 km          hoogteverschil: ↑ 54m   ↓ 1.156m

Over de Törlscharte vlak bij de Seekofel Hut (2.327 meter) daalt men in oostelijke richting af naar het “Nabige Loch” en van daaruit tot aan de Pragser Wildsee tot ca. 1.500 meter; men bevindt zich nu op een etappe van de Dolomietenwandelroute nr. 1. Nu loopt men 12 km door het vlakke land van het Pragser dal tot aan Welsberg. Daar kan men de bus nemen naar het eindpunt van deze etappe in het Gsieser dal.

Pragser Wildsee, Seekofel, Italy

De Pragser Wildsee met de Seekogel in spiegelbeeld
de.wikipedia.org/wiki

‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒‒