Wandelen in de Alpen

Laas: marmer, het witte goud uit de bergen

Für den Beitrag auf Deutsch bitte hier klicken!
For the blog in English please click here!

Om de kaart te vergroten a.u.b. op het vakje in de linkerbovenhoek klikken! De grotere kaart opent op een nieuwe pagina.


7 augustus 2019

Appelboomgaarden en blokken wit marmer

Gisteren, dinsdag 6 augustus, heb ik een korte wandeling gemaakt door Mals naar Laatsch in het westen en vervolgens naar Glurns. Dat was ondanks de regen best interessant – daar kom ik in de komende dagen nog wel op terug.

Vandaag begon de dag veelbelovend met de stralen van de ochtendzon op de Ortler. Dat zou jammer genoeg niet zo blijven…

20190807_061935

Mals: de ochtendzon schijnt op de Ortler

Ik had het plan opgevat om vandaag naar Laas te gaan, een plaatsje ten oosten van Mals en stroomafwaarts van de Etsch, omdat daar in het begin van de middag een rondleiding zou zijn door het dorp Laas en bij het bedrijf dat het marmer uit de groeven in de bergen ten zuiden van Laas wint, Lasa Marmo: vooral het witte marmer uit Laas is al eeuwen wereldberoemd!

Om in Laas te komen, moest ik met de “Schienenersatzbus” van Mals vier haltes (de eigenlijke plaatsen waar de trein normaal gesproken zou stoppen) in de richting van Meran reizen. In de bus stonden we als haringen in een ton gepropt, dus was het heel prettig om bij aankomst in Laas weer in de (toch wel erg) frisse lucht te komen. De bus stopte bij de St. Johannes de Doperkerk, vlak bij het treinstation. Daar was het witte marmer oogverblindend! Het gehele kerkplein was ingelegd met vierkante stukken wit marmer. Op het naastgelegen kerkhof waren alle zerken van wit marmer – de monumenten ter herinnering aan de gevallenen in de Eerste en Tweede Wereldoorlog waren van wit marmer… Tegenover de kerk stond een buste van Keizer Franz Josef I. van wit marmer op een hardstenen sokkel. Op een informatiebord stond dat deze buste bedoeld was als geschenk voor de Keizer ter gelegenheid van zijn 60-jarige keizerschap in 1908 – Franz Josef I. (1830–1916) was vanaf 1848 tot zijn dood in 1916 Keizer van Oostenrijk en Koning van Hongarije. Aan dit borstbeeld dat in 1986 door de Gemeente Laas is aangekocht, is goed te zien op welk hoog niveau de marmerbewerking in Laas stond rond 1910, onder leiding van de “marmerpionier” Josef Lechner sr. (1851–1925).

Bij mijn rondgang door het dorp kwam ik later ook op het Dorpsplein met zijn fraai ingelegde bestrating van witte marmersteentjes en een marmeren zitbank rondom de “Kaiserlinde“, die in 1908 geplant was, ook ter herinnering aan het 60-jarige keizerschap van Franz Josef I.

De St. Johannes de Doperkerk (St. Johannes der Täuferkirche) is groot: zij bestaat uit een heel oud gedeelte, de zogenaamde “Marmorkirche” uit de 13e eeuw en met fundamenten die mogelijk zelfs al van een eerdere periode (de 9e eeuw) zijn. In de loop der eeuwen is de kerk steeds verbouwd. Haar huidige vorm kreeg zij in 1852: toen werd begonnen met de uitbreiding. In 1854 werd de kerk opnieuw ingewijd. In 1973 heeft men de apsis zoveel mogelijk in zijn originele vorm teruggebracht en ook veel marmerelementen (terug)geplaatst. De lichtinval is mede hierdoor erg mooi. Later bij de rondleiding hoorde ik dat er aan de buitenzijde van het oudste gedeelte rond de glas-in-loodramen en op de hoeken mooie reliëfs zijn aangebracht, o.a. een leeuw die een ram verslindt: het goede dat het slechte overwint, een typisch stijlelement uit de Lombardije.

Slechts één straat verderop ligt nog een kerk, de St. Marcuskerk of St. Marxkerk (St. Marx Kirche), uit dezelfde tijd, maar niet verbouwd zoals de St. Johannes de Doperkerk. Dat er twee kerken in dezelfde tijd zo vlak naast elkaar zijn gebouwd is terug te voeren op twee rivaliserende belangrijke families in deze streek… Wel staat hier in Laas de enige kerk die aan St. Marcus is gewijd. Tegen het einde van de 18e eeuw is de kerk aan de eredienst onttrokken en voor andere doeleinden gebruikt, zoals opslagruimte en beenhuis. Het gebouw is in het begin van de 20e eeuw ingericht als atelier voor de steenhouwerschool voor het marmer: het was daartoe voorzien van een etage. Op de eerste verdieping waren vensters gemaakt in de buitenmuren. In 2000 tot 2007 zijn bij uitgebreide restauratiewerkzaamheden deze vensters weer dichtgemaakt met kunststofpanelen. Men trof toen niet alleen ook hier fundamenten uit de 7e eeuw aan, maar ook fragmenten van gotische fresco’s uit 1400, o.a. van de Moeder Gods met twee musicerende engelen tegen de achtergrond van een gestileerd gebouw. Er was ook een mooi fresco van een bloemenkrans.  De kerk wordt nu als tentoonstellingsruimte gebruikt. Ik zag een leuk detail: iemand had in de houten muur van een schuur die van oudsher bij de St. Marxkerk hoort, een gemzenkop uitgezaagd!

Vanaf de St. Marxkerk liep ik verder naar de rivier de Etsch, waar ik een goed overzicht kreeg over de omvang van het marmerbedrijf Lasa Marmo. Ook de bedrijfsgebouwen waren van marmer! Er zijn hier eveneens maatregelen genomen tegen overstromingen van de Etsch. Laas ligt in een gebied waar het risico voor overstromingen groot is: vooral een bergbeek uit de bergen ten zuiden van het dal, de Eckbach beek, kan veel water aanvoeren. Daartoe heeft men omvangrijke maatregelen voor het reguleren van het waterniveau doorgevoerd, o.a. met opvangbekkens en het creëren van een ooilandschap, net als ik in juni jl. gezien heb bij Dalvazza, Küblis. Hier wordt dit project financieel ondersteund door het Europese Fonds voor Regionale Ontwikkeling. De beschermingsmuur in Laas is gemaakt van natuursteen uit de buurt met marmeraccenten. Dit is met opzet gedaan vanwege het historische karakter van de plaats Laas. De marmeren brokken geven wat licht aan deze sombere dag!

20190807_113444

Laas: details (met marmer!) van de muur die het dorp moet beschermen tegen hoogwater

Niet alleen het marmer, maar ook de fruitteelt is van groot economisch belang: ook hier zijn uitgestrekte boomgaarden aangelegd. Het was wel grappig om te zien hoe in een weiland tussen de strak in het gelid groeiende appelboompjes die gebukt gingen onder een overvloed aan mooie appels, opeens een uit de kluiten gewassen verwilderde hoogstamappelboom stond, met vele takken die alle kanten uitgroeiden, en met kleine appeltjes, die het koelhuis en onze fruitschaal niet zullen halen!

Het was inmiddels tegen het middaguur geworden en toen ik naar het restaurant Badlerhof bij de gelijknamige camping liep, sloeg de torenklok van de St. Johannes de Doperkerk juist 12 uur. Ook hier was overal marmer te vinden – in de betegeling van het terras en als marmerbrok bij de entree! Ik at een met “Südtiroler Speck” en kaas belegd broodje, een “Vinschger Paarl“, een typisch Südtiroler brood, dat letterlijk betekent twee broodjes, een “Paar” dus! Het is desembrood gemaakt van rogge- en tarwemeel, water, gist en een kruidenmengsel van kummel, anijs, venkel en ook een fenegrieksoort, die aangeduid wordt als “Brotklee” (Trigonella caerulea). De vorm van het broodje is plat en de korst lekker knapperig. Het is verwant aan het zogenaamde “Schüttelbrot“, dat nog platter en droger is – en daardoor nog langer houdbaar. Houdbaarheid was van oudsher in deze Alpenstreken van groot belang: in de lange winters en tijdens drukke tijden als oogsten en hooien ging geen tijd verloren met huishoudelijke zaken als broodbakken. Vooral het Vinschger Paarl brood vind ik erg lekker, niet alleen de traditionele versie die ik hier at, die met spek en kaas, maar zeker ook met de vers gemaakte abrikozenjam die ik bij het ontbijt in Hotel Margun krijg!

Voordat de rondleiding om 13.45 uur zou starten bij het station, wilde ik toch nog even een ander heel oud kerkje bekijken: de St. Sisiniuskerk die hoger op de noordelijke berghelling boven Laas ligt. De vierde oude kerk is de St. Martinskapelle aan de berghelling ten zuiden van Laas, die ik alleen maar vanuit de verte heb gezien. Hoger op de helling waren wolken, maar meer dalwaarts is ook nog een wit vlak te zien dat schuin naar beneden loopt – dat is een marmerader!

20190807_115944

Laas: zicht op de St. Martinskapelle aan de berghelling aan de zuidzijde van het dal bij het Laasertal dal

Via het Dorpsplein met de “Kaiserlinde” klom ik door steile straatjes verder de helling op en ging over een smal en nogal overgroeid paadje naar het kleine, uit grauwe steen opgetrokken St. Sisiniuskerkje uit de 13e eeuw, gewijd aan de martelaar Sisinius uit de zuidelijker gelegen regio Trentino. De poorten in de hoge muur om het kerkterrein waren afgesloten met rood-wit geblokt lint. Aan de westzijde van de kerk bij de toegangsdeur was een groot gat gegraven, waarvan de hobbelige bodem afgedekt was met zwart landbouwplastic. Waarschijnlijk werd er weer archeologisch onderzoek gedaan: in de afgelopen eeuwen zijn er steeds weer nieuwe ontdekkingen gedaan, zoals fundamenten die teruggaan tot in de 7e eeuw, of zelfs grafvondsten uit de Steentijd! Het kerkje zelf heeft iets bijzonders: het koor en de kerktoren zijn uit één stuk. Men vindt dergelijke zogenaamde “koortorens” meestal bij grote kerken, waar ze aan beide zijden van het koor staan, zoals de St. Servaaskerk in Maastricht, maar dus ook hier bij dit kleine kerkje in het Vinschgau! Het kerkje was dicht. Op twee dagen in het jaar is het toegankelijk: voor Pasen en op 29 mei, de naamdag van St. Sisinius.

Om 13.30 uur verzamelde zich een grote groep belangstellenden bij het station voor de rondleiding. Het was nog steeds droog. De gids van de dag was een jonge, dynamische dame, Tamara Verdross, die vrijwilliger is bij een groep enthousiaste mensen uit Laas en omgeving die het dorp en het marmer een warm hart toedragen, de “Genossenschaft zur Steigerung der Wertschöpfung aus dem Laaser Marmor“, de Marmor+. Na een korte introductiefilm zouden we naar het atelier van de Steenhouwer Josef Mair gaan, en daarna nog naar het grote marmerverwerkingsbedrijf Lasa Marmo. Zij benadrukte dat zij en de “Genossenschaft” op geen enkele wijze verbonden waren met de bedrijven die we zouden bezoeken… We begonnen met de film die vertoond werd op de eerste verdieping van het authentieke stationsgebouw uit 1905.

20190807_132951

Laas: het treinstation van de Vinschgaubahn – het perron is ook geplaveid met marmer!

De introductiefilm bestond uit twee delen. De eerste film was de promotiefilm van het bedrijf Lasa Marmo om de opdracht in de wacht te slepen voor de bijdrage aan het nieuwe Metrostation in New York dat op de plek van Ground Zero zou worden gebouwd en dat bekleed zou worden met wit marmer. Het bedrijf hoopte dat de keuze zou vallen op marmer uit de Laaser marmergroeve – wat uiteindelijk ook het geval was. De beelden van de enorme ruimte van wit en hemelsblauw in het metrostation dat aan de buitenzijde de vorm heeft gekregen van een vredesduif, waren heel indringend.

Laso Marmo csm_world_trade_center_transportation_hub.01_61d4bd7d69

New York: beeld van het Metrostation World Trade Center bekleed met wit marmer uit Laas
www.lasamarmo.it/de/projekte

De tweede film ging over de Laaser marmergroeven in de Jennwand, de berghelling aan de zuidzijde van het dal en de winning en het transport van het marmer naar het dal, vroeger en vandaag de dag. Tamara vertelde vele interessante dingen tussen de filmbeelden door. We zagen hoe nu de blokken marmer worden uitgezaagd met behulp van gigantische diamantzagen, hoe die blokken dan van zekere hoogte gewoon op de bodem van de mijngang vallen en daarbij ook wel kapot gaan. Wij vonden dat breken wel jammer, maar dat bleek een soort test te zijn. Wat heel bleef van het blok was van goede kwaliteit! Het transport is een van de bijzonderheden van de marmerwinning hier in Laas. De Weisswasserbruch groeve is aan de rechter berghelling van het zijdal, het Laasertal dal. Er is een kabelbaan gebouwd om de steenblokken over het Laasertal naar de andere berghelling te brengen. Dan wordt het blok op een spoorwagon geladen. Daar begint de smalspoorbaan, die uit drie gedeelten bestaat. Het eerste gedeelte is redelijk vlak en gaat van het punt waar het marmerblok van de overzijde van het zijdal aankomt naar het punt waar de smalspoorbaan recht de berghelling naar beneden loopt (dat is de “Schrägbahn“, het bijzondere gedeelte), en dan het stuk van het dalstation naar het fabrieksterrein voor de verdere bewerking. Het transport op het eerste en het derde gedeelte wordt gedaan met een locomotief voor de spoorwagon, maar het transport over het tweede gedeelte gaat a.h.w. vanzelf onder invloed van de zwaartekracht. Daartoe is de smalspoorlijn in het midden voorzien van een tweesporige gedeelte zodat de wagons elkaar kunnen passeren. Deze constructie is in 1929 tot stand gekomen en functioneert tot op de dag van vandaag zonder grote problemen, zij het dat het materieel ook uit 1929 stamt. Deze Laaser Marmorbahn is cultureel erfgoed en uniek in haar soort! Het is fascinerend om te zien hoe dat in zijn werk gaat: ik heb ernaar staan kijken toen ik op de terugweg vanaf het St. Sisiniuskerkje was. Hieronder een foto-impressie:

Er is ook aan de rechteroever van de Etsch, vlak bij de spoorlijn een monumentje geplaatst om de Laaser Marmorbahn te eren – er staat ook een infopaneel bij. Vanaf de linkeroever heeft men bij de spoorbrug een goed beeld van het verloop van het onderste gedeelte van de Laaser Marmorbahn.

Het Laaser marmer is van een bijzonder goede kwaliteit en is door de eeuwen heen zeer gevraagd voor de bewerking tot o.a. standbeelden in heel Europa en daarbuiten. Het heeft een grovere structuur dan bijvoorbeeld het Carrera marmer – het is daardoor ook witter, glanzender en meer lichtdoorlatend. Er is vooral veel vraag naar het zuiver witte marmer, maar dat maakt maar 4 tot 9 procent van de (enorme) hoeveelheid marmer in de berg uit. Er zijn meerdere variaties al naar gelang de kleur van de aders: goud, groen, grijs, maar het wit is altijd overheersend.

De volgende etappe in onze rondleiding was een bezoek aan de werkplaats van steenhouwer Josef Mayr, waar we vanwege de grootte van de groep ons verdeelden over de werkplaats en de shop. Ik zat in de groep die losgelaten werd in de shop. Allemaal erg mooi, zeker ook de marmeren windlichten, maar vooral ook heel erg zwaar! Marmer heeft een hoger soortelijk gewicht dan beton, zodat zelfs het kleinste voorwerp al heel wat aan gewicht had. Ik heb dus alleen maar gekeken met de ogen…

20190807_144438

Laas: in de shop van het steenhouwersbedrijf Josef Mayr staan ook windlichten uit marmer

In de werkplaats was ook veel te zien. Er stonden, hingen en lagen vele gipsmodellen, maar ook beelden in wording. De nadruk ligt op grafmonumenten, maar ook religieuze onderwerpen, zoals een groot Pieta-beeld. Daarin waren duidelijk heel veel uren gaan zitten! Tamara liet ons zien hoe het werk van de beeldhouwer wel wat vergemakkelijkt kon worden met een soort “kopieermachine”: er was een constructie met een drietal pennen die in de hoogte verstelbaar waren en die je kon overzetten van je gipsmodel naar de marmeren plaat die bewerkt moest worden. Het ging natuurlijk om het grovere werk, de finesse en de details moet de steenhouwer zelf aanbrengen. Het viel op dat er weinig marmerstof ronddwarrelde en dat er ook geen afzuiginstallatie te horen was. Marmerstof schijnt vanwege de chemische samenstelling (zuiver calciumcarbonaat) ook niet gevaarlijk voor de gezondheid te zijn.

Weer terug bij het station volgde het volgende onderdeel van de rondleiding, door de “beeldentuin” van Lasa Marmo die vlak bij het grote opslagterrein lag. We zagen al van verre de grote portaalkraan, die daar met grote brokken marmer aan kabels heen en weer reed. Er waren bijzonder gevormde blokken bij.

Bij de overdekte entree van de beeldentuin stonden twee houten karren die vroeger gebruikt werden om de marmerblokken te vervoeren. De muren en het plafond waren erg wit van kleur voor beton – het bleek ook zogenaamd “marmerbeton” te zijn! Sinds een paar jaar levert Lasa Marmo marmerstof voor het bijmengen in beton – dit stof ontstaat bij het verzagen van de marmerblokken: de zagen worden met water gekoeld, waarin het marmerslijpsel wordt meegevoerd, vervolgens gedroogd en weer vermalen. Het beton zag er echt fraai uit! De muren rondom de beeldentuin waren natuurlijk ook van marmer! Het was een prachtig gezicht hoe vanuit de voegen donkergroene varens groeiden en het wit nog verder versterkten. De oorspronkelijke transportkraan van het bedrijf stond ook in het bezoekersgedeelte opgesteld, grijs net als de wolken, die inmiddels aan het leeg regenen waren…

Er is ieder jaar een cultureel festival in Laas, “Marmor und Marillen” geheten. Dat was het afgelopen weekend geweest – dat had ik gezien toen ik met de bus door Laas kwam op weg naar Mals! Er is behalve de Südtiroler abrikozen (“Marillen“) ook een marmerbewerkingsfestival, waarvan de 10 beste kunstwerken later ten toon gesteld worden in de beeldentuin van Lasa Marmo. Het beeld “Bin ich die Freiheit?” van Achim Rippegger was de winnaar van 2017 en zijn beeld staat langs de Etsch-Radweg aan de rechteroever van de rivier. De Nederlandse beeldhouwer Leo Horbach heeft in 2015 het beeld “They shoot horses, don’t they?” gemaakt – het thema was toen 70 jaar vrede. Ik vond dat beeld erg mooi. Over oorlog en vrede gesproken: de kruizen op de Amerikaanse militaire begraafplaatsen zijn gemaakt van Laaser marmer, en wel de witte variëteit… In 1946 hebben de Amerikaanse autoriteiten aan (de voorganger van) Lasa Marmo de opdracht gegeven om bijna 90.000 kruizen te maken, en wel van wit marmer en uit één stuk gezaagd. Er stonden er twee tegen een groot stuk marmer geleund. Tamara vertelde dat er natuurlijk veel marmer afviel na het verzagen en dat er daarom in zoveel stoepen, straten, huizen marmer verwerkt is. Marmer was in die tijd goedkoper dan (straat)stenen! Nu wordt gepolijst marmer op de straat vooral bij regen en sneeuw spiegelglad – de Gemeente heeft dus al snel besloten dat alle stenen moesten worden omgekeerd, zodat de ruwe kant boven kwam te liggen! De fijnste vorm van marmer is de zandkorrelgrootte. In het begin werden dan ook de zandbakken op de kinderspeelplaatsen met marmerzand gevuld – dit tot verdriet van de ouders, omdat de kinderen als witte spookjes thuiskwamen… Nu wordt er weer gewoon zand gebruikt! De jongste deelneemster wilde toch graag even naar het witte “speelzand” kijken.

Vervolgens mochten we een kijkje nemen in de grote werkhal van de fabriek. Eerst liepen we door de officiële fabriekspoort naar een soort “showroom” waar de verschillende toepassingen en soorten van marmer lagen en hingen: bijvoorbeeld voor wastafels. Er was een staande en liggende kast met voorbeelden van grootte en fijnheid van het marmer. Er stond ook een voorbeeld opgesteld van een paneel zoals dat gebruikt is bij het New Yorkse metrostation. Weer buiten passeerden we een groot brok wit marmer met daar onlosmakelijk mee verbonden ander gesteente – een boeiend gezicht. Ook stond er een klassiek uitgevoerd witmarmeren standbeeld van de heilige St. Barbara, de schutspatrones van de mijnwerkers. In de eigenlijke fabriekshal mochten we vanaf een verhoging toekijken hoe de steenhouwers hun werk deden: eindeloze werktafels waar gewerkt werd aan grote platen marmer die tot vloertegels gepolijst werden – of nogmaals witte kruizen voor de Amerikaanse begraafplaatsen: ter vervanging van beschadigde kruizen… Aan een marmeren plaat die in de vensterbank stond was goed te zien dat marmer veel licht doorlaat, zelfs bij zulk regenachtig weer als vandaag! Ook lag er nog een freeskop die speciaal ontworpen was voor de bewerking van het marmer voor het metrostation in New York. Ook dat vond ik een heel bijzonder idee: dat met zo’n klein werktuig is bijgedragen aan zo iets groots en symbolisch als dat metrostation op het voormalige Ground Zero!

Tegen half vier was de rondleiding afgelopen – vanwege de nu met bakken uit de hemel vallende regen werd het bezoek aan de St. Marxkirche erg kort en dat aan de St. Johannes de Doperkerk nog korter… Er werd alleen aandacht besteed aan de buitenzijde van het oude gedeelte, maar ook daar heb ik veel van geleerd!

Nadat iedereen Tamara hartelijk bedankt had voor haar rondleiding ging iedereen ook weer snel de droogte opzoeken. In mijn geval was dat de bus terug naar Mals, het licht van het marmer nog in mijn hoofd. Het was weer een bijzondere belevenis.

1 reactie

  1. gerard maas

    interessante blog, wel veel marmer en veel kerken in Laas. Mooie foto van het WTC metrostation in NY in wit marmer, nooit geweten dat het daar vandaan kwam. Groeten,

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

© 2020 Via Alpina

Thema gemaakt door Anders NorenBoven ↑